De video’s hieronder om precies te zijn. Andere video’s hoef je van mij nu niet te kijken. Deze doen ertoe. Waarom? Dat staat erboven.
Rapbattles
Je hebt juryprijzen en je hebt publieksprijzen. Maar heb je dan ook jurysporten en publiekssporten? ’t Antwoord op die vraag is: ja. En dat is niet voor niets ’n verwijzing naar ’n bekend rapnummer. ’n Goed voorbeeld van ’n publiekssport is namelijk battlerap.
Battlerap is ’n vechtsport met woorden. Veel regels zijn er niet. En dat komt dus doordat ’t publiek bepaalt wie er wint. Want ’t publiek, tja, dat is wispelturig. De ene keer vinden ze dit en de andere keer vinden ze dat belangrijk. Kijk maar naar hoe dat gaat met politieke verkiezingen.
Maar politiek is gevoelig. ’t Is te bepalend. Als de verkeerde mensen winnen, kan dat grote gevolgen hebben. Battlerap is ’n niche. Als daarbij de verkeerde mensen winnen, kan dat juist interessant zijn. ’t Is ’n speeltuin. En dat maakt ’t ook geschikt voor kunstenaars, zoals ik.
*
Rapcolumns
Rappers zijn leugenaars. Je kunt niet én de waarheid vertellen én de hele tijd rijmen. Gelukkig zijn er ’n hele hoop dingen waar geen waarheid over bestaat. Dingen waarover valt te twisten. Smaak bijvoorbeeld. Of meningen. Waarom zijn rappers niet vaker opiniemakers?
*
Auto-interview over mijn rapbattles
Veel rappers zijn bang voor journalisten. Ze vrezen hun kritiek. Daarom laten rappers zich vaak interviewen door andere rappers. Zo creëren ze ’n veilige bubbel voor elkaar. Best schattig, maar ook ’n beetje misleidend. Want de beroepen van beroemdheden zijn tegenwoordig onduidelijk. Influencers maken muziek, comedy, kookboeken, podcasts, ze zijn van alle markten thuis. Zo kan ’t dat een rapper die iemand interviewt, gelijk ook wordt gezien als journalist. Terwijl hij helemaal niet die kwaliteiten heeft. Hij streeft geen objectiviteit na en is niet kritisch. ’t Zou eigenlijk eerlijker zijn als die onzekere rappers zich laten interviewen door ’n niet-beroemde vriend. Dan ziet de kijker het interview voor wat ’t is: ’n vriendendienst. Met dat in m’n achterhoofd stapte ik gezellig in de auto bij ’n vriendin van mij.